Sneeuwwitje, de dwergen en een aanloopkater

Bij mijn vertrek uit Groningen kreeg ik van de collega’s een aantal notitieboekjes cadeau. Zodat ik op ieder gewenst moment mijn ideeën voor de blog aan het papier kon toevertrouwen. Sindsdien worden de boekjes intensief gebruikt. Inspiratie voor de blogs zit in alles wat ik zie, hoor en lees.  Ik noteer een paar steekwoorden en dan weet ik naderhand meestal precies wat ik wil schrijven. Meestal, want soms kom ik aantekeningen tegen waar ik echt niets mee kan. Zoals dit: ‘Sneeuwwitje voorlezen, haring happen bij tent, Dikkie Dik ritueel slachten, dwergen, Play Dwarvette, theater.’ Ik weet niet wat er in mijn chaotische hoofd omging toen ik dit opschreef, maar ik kan hier werkelijk geen chocola van maken. Wilde ik een theaterstuk schrijven over Dikkie Dik en de dwergen? Of las Sneeuwwitje de dwergen voor uit Dikkie Dik? Geen idee, maar ik ga toch een poging wagen om er een verhaaltje van te maken.

Sneeuwwitje gaat kamperen

Ook een prinses heeft weleens behoefte aan vakantie, zeker als je iedere dag moet zorgen voor 7  onzelfstandige dwergen. Sinds de mijn is gesloten, zitten de mannetjes werkloos thuis en hebben ze luiheid tot een ware kunst verheven. Sneeuwwitje is toe aan een break en boekt in een overmoedige bui een volledig ingerichte tent op Camping De Glazen Kist in Spiegeltjesmeer. Met 7 mopperende dwergen veilig ingesnoerd in hun kinderzitjes op de achterbank en aanloopkater Dikkie Dik achter slot en grendel in zijn reismand, rijdt Sneeuwwitje in haar pastelblauwe Prius naar het pittoreske dorpje. ‘Oh, het lijkt wel een sprookje!’, kirt ze als ze het dorp binnenrijdt. ‘Nou, dat is dan wel een heel slecht sprookje’, bromt er iemand op de achterbank. ‘Bah, een blauwe lucht, een gele zon, groene bomen en helder water. Ik mag toch hopen dat er een tv in de tent is, anders wordt dit een waardeloze vakantie. En hebben we ook wifi?’ Sneeuwwitje zucht en besluit niet te reageren, zij gaat zich deze week laten verwennen in de schoonheidssalon. Ze verheugt zich vooral op het bunga bunga feestje voor alleenstaande ouders aan het eind van de week, misschien komt ze haar droomprins wel tegen. Wat de dwergen gaan uitspoken, zal haar nu even een rotzorg zijn.

Nadat de koffertjes zijn uitgepakt, de dwergen met een flesje bier in de tuinstoeltjes zijn geïnstalleerd en de aanloopkater is vastgebonden aan de scheerlijn van de tent, gaat Sneeuwwitje ervandoor. Er is een feestje in het zwembad, dat wil ze niet missen.
De avond valt en de dwergen beginnen trek te krijgen. ‘Het zal toch niet zo zijn, dat we zelf voor ons vreten moeten zorgen’, zegt Sleepy. ‘Ligt er wel wat in die koelkast?’ Helaas, de koelkast is leeg en de magen beginnen te knorren. ‘We hebben wel een barbecue, maar geen vlees.’ Veertien ogen draaien zich in de richting van Dikkie Dik, die daar ietwat onrustig van wordt. Grumpy stort zich op de kat, Doc vilt het beest vakkundig en Happy rijgt Dikkie aan het spit. Dopey maakt van de aanwezige groenvoorziening een gemengde salade en Sneezy haalt bij de visboer zoute haring. Want haring gaat goed samen met kattenvlees.
Met volle maagjes en tevreden lurkend aan een zoveelste flesje bier, zakken de mannetjes na de maaltijd voldaan achterover in hun stoeltjes. ‘Ik heb wel zin om met een meisje te zoenen’, meldt Bashful. ‘Gast, je hebt haring gevreten, geen meid die met jou wil tongen. Even afgezien van het feit dat je alleen al bij het kijken naar een meisje begint te blozen’, gromt Grumpy. Bashful loopt rood aan en verbergt zijn gezicht achter de juli-editie van de Play Dwarvette.

Enfin, iedere dag herhaalt zich hetzelfde ritueel. Sneeuwwitje is de hort op, op raadselachtige wijze verdwijnen er katten uit het dorp, de visboer wordt gierend rijk van de verkoop van haring en de lippen van de dwergen komen alleen in aanraking met flesjes bier en niet met onderdelen van meisjes.
Na een week vol feestjes en spannende activiteiten, is Sneeuwwitje weer vol energie en moeten ook de dwergen toegeven dat ze een geweldige vakantie hebben gehad.
‘Zeg, waar is Dikkie Dik eigenlijk gebleven?’
‘Die is ervandoor met de Gelaarsde Kat, de sloerie.’

En ze leefden nog lang en gelukkig.

1296-main_sneeuwwitje-zeven-dwergen-disney_3

Kramperen

vwcamper

Leuk toch, zo’n busje?

Mij lijkt het wel wat, rondtoeren door Europa in zo’n knusse Volkswagen kampeerbus.
J. schiet echter meteen in een kramppositie op het moment dat het woord kamperen valt. Om vervolgens met de nodige dramatiek te vertellen over de opgedane trauma’s in zijn jeugd. Want de schoonfamilie ging graag kamperen. En dat betekende met een volgeladen auto plus vouwcaravan een lange reis van Drenthe naar Zuid-Europa. Onderweg werd er weleens overnacht op een obscure parkeerplaats langs de snelweg. Pa en ma lagen samen met de 2 jongste kinderen heerlijk te snurken in de uitgevouwde vouwwagen. De 2 oudste kinderen, waaronder J., moesten noodgedwongen in de auto overnachten. Tentharingen in het asfalt meppen bleek een probleem, vandaar. Met de tissues in de aanslag volgt een tenenkrommend verhaal hoe beide jongens op de voorbank probeerden te slapen, maar gehinderd werden door de aanwezigheid van het stuur en de versnellingspook. Dat er ook nog zwaar getatoeëerde en dikbuikige truckers rond de auto scharrelden, hielp ook niet echt, zegt J. met een trillend lipje.

Kortom, de enige keer dat wij samen hebben gekampeerd, is 14 jaar geleden in Nieuw Zeeland geweest. In een volledig ingerichte camper. Sindsdien word ik geacht hotels of appartementen te regelen met een echt bed en ruime badkamers. Best lastig, want meneer is kieskeurig. Met enige regelmaat heeft hij mij getrakteerd op een klaagzang over de lengte van het bed of de afmetingen van de douchecabine. Taferelen als: ‘ik pas toch echt niet in een bed van 2 meter lang, kijk dan! Vanaf mijn knieën lig ik buiten het bed!’ Of: ‘is het nou echt de bedoeling dat ik hier opgevouwen onder de douche sta? Wonen er in Spanje alleen maar dwergen??!’

wifi foksukDe laatste jaren is het wensenlijstje van J. uitgebreid met iets wat voor hem van absoluut levensbelang is, namelijk wifi. Hij staat nog liever in een bocht onder de douche dan dat hij het een dag moet doen zonder wifi. Helaas wil het weleens voorkomen dat er wel wifi is, maar dat die niet goed werkt. Dat levert in mijn ogen soms stuitende taferelen op. Een aantal jaren geleden hadden we een leuk huisje nabij een fjord in Noorwegen. Vier huisjes op een rij, huisje 1 had het wifisignaalding en wij zaten in huisje 4. En we hadden niet echt een geweldige verbinding. Maar om dan met laptop en al uit het zolderraam te gaan hangen om een wifisignaal op te vangen, vind ik best ver gaan. De aanwezigheid van een houtkachel, wat is het toch met mannen en een fikkie stoken, kon de pijn maar een beetje verzachten.

Onze komende reis gaat naar Spanje, van Madrid naar Bilbao. De hotels zijn al geboekt. Allemaal met wifi, waaronder maar eentje met alleen wifi in de gemeenschappelijke ruimtes. Dat gegeven alleen al leverde een gefronste blik van J. op.
Het wordt vast heel gezellig.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het huisje in Noorwegen. De andere huisjes staan links, het zolderraam bevindt zich aan de rechterkant……

Horror

camp horrorKranten maken vaak en dankbaar gebruik van het woord horror. Waarschijnlijk om lezers te trekken, want bij het lezen van het artikel wordt al gauw duidelijk dat het allemaal best wel meevalt. Zo zijn horrorartsen doktertjes die met veel pijn en moeite een diploma hebben gehaald en niet zo goed zijn in het dichtnaaien van mensen. Kan gebeuren. Een horrorgebit is gewoon een slecht onderhouden gebit en bij een horrorvlucht is er sprake geweest van een luchtzakje. Ah gossie.

In april is er op een dag sneeuw gevallen in Groningen en Drenthe en hadden we te maken met een ware horrorlente. Ik weet het nog goed, we waren compleet ingesneeuwd en vroren nog net niet dood. In de rest van het land werden inzamelingsacties gehouden voor de voedseldropping, zodat we niet zouden verhongeren. En dat allemaal vanwege 3cm sneeuw. Drie cen-ti-me-ter. Binnen een paar uur verdwenen met dank aan de zon en toen konden we weer normaal doen.

Nu moet ik wel toegeven dat ik helaas bekend ben met het fenomeen horrorvakantie. Nee, geen kakkerlakken in de paella of een pruik haar in het afvoerputje van de te kleine douche. Wij hadden te maken met echte horror.

We schrijven het jaar 1997. Broer, ik en 2 aanhangsels zijn met de camper onderweg in Australië. We belanden op een camping in the middle of nowhere. Een familiecamping, constateren we, met een hoog inteeltgehalte. Niet het meest spraakzame volk en we voelen ons echt welkom. Ondertussen rijdt een meisje op een roze fietsje cirkeltjes rondom onze camper, zodat ze ons heel goed kan bekijken. Broer kijkt mij aan en zegt peinzend dat hij opeens aan Children of the Corn moet denken. Zit wat in, hoewel ik meer denk aan Linda Blair in The Excorcist aangezien het meisje erg goed haar hoofd kan draaien. Enfin, als je omringd wordt door allerlei enge mensen en hele griezelige kleuters, dan wil de fantasie weleens met je op de loop gaan. Midden in de nacht: ‘Zijn er nog meer mensen die heel nodig naar het toilet moeten?’ Er klinkt drie keer een opgelucht ja. Uitgerust met toiletrol en een zaklantaarn sluipen we met z’n vieren naar het toiletgebouw, in de hoop dat er geen kleuter met een bijltje in de bosjes op ons ligt te wachten.

Het spreekt voor zich dat wij de volgende ochtend zeer vroeg de camping hebben verlaten, op zoek naar betere oorden. Zonder meisjes op roze fietsjes.

De liefhebber van het horrorgenre en theater raad ik de voorstelling van Jakob Ahlbom aan, van 28 september t/m 1 oktober nog te zien het DeLaMar theater in Amsterdam. http://jakopahlbom.nl/voorstelling/horror-2014/?portfolioID=14