Thuiswerken

De zaterdagochtend is mijn favoriete moment van de week. Dan ontvang ik een papieren krant die ik,  onder het genot van meerdere koppen koffie, van A tot Z (of Q) lees. Oftewel, ik lees bijna alles maar ik blijk minder geïnteresseerd in economie, wetenschap en, vreemd genoeg, sport. Ook de advertenties sla ik met liefde over, al zijn de paginagrote advertenties van Rijksoverheid nauwelijks over het hoofd te zien. Was ik al verbaasd over Sanne die in haar lunchpauze de hond uitlaat in het bos en dat een goed moment vindt om aan de telefoon bij te praten met een collega (mens, geniet toch van je rust en gun een ander ook die rust!), de advertentie van afgelopen zaterdag was helemaal vaag. Onder het mom van ‘thuiswerken, we worden er steeds beter in’, krijgen we nu Rutger met zijn gitaar voorgeschoteld. Want Rutger maakte naast een fijne werkplek, ook een fijne niet-werkplek in zijn huis. In het pré-Corona-tijdperk heette dat gewoon de woonkamer met loungebank of de slaapkamer met een lekker bed. Ik kan daar nog uren over doorgaan, maar de boodschap van Rijksoverheid is helder: ga vooral thuiswerken! Best, maar dan snap ik niet dat voor diezelfde overheid blijkbaar andere regels gelden.

Iets verderop in de krant lees ik namelijk dat in de monumentale tuin van het Catshuis een ’tijdelijk’ kantoorpand van vijf verdiepingen wordt gebouwd voor ambtenaren van het ministerie van Algemene Zaken. Nog even afgezien van het feit dat er veel kantoorpanden leegstaan en het dus niet nodig zou moeten zijn om een nieuw pand te bouwen, is vooral de vraag waarom deze mensen hun werk niet thuis kunnen uitvoeren. Wat doet dat ministerie eigenlijk? Volgens de website van Rijksoverheid doen ze dit: ‘Algemene Zaken is het ministerie van de minister-president. Het ministerie houdt zich bezig met de coördinatie van het algemeen regeringsbeleid en van de overheidscommunicatie. Ook verzorgt het departement de voorlichting over het Koninklijk Huis.’ Coördinatie? Kan vanuit huis. Communicatie? Kan vanuit huis. Voorlichting? Kan vanuit huis. Of zijn al die ambtenaren van belang voor het lekken van alle informatie die in het Catshuis is besproken, zodat iedere persconferentie van de minister-president eigenlijk overbodig is? Hebben ze geen integriteitsverklaring ondertekend of zo?

Hoe dan ook, ik vind dat de ambtenaren van Mark Rutte heel goed kunnen thuiswerken. Het ministerie van SZW heeft daar een mooie website voor: https://www.hoewerktnederland.nl/onderwerpen/thuiswerken Heel handig, ook voor ambtenaren.

Songfestival

In den beginne was ik helemaal verslingerd aan het Eurovisie Songfestival, toen je nog één avondje in het jaar een overzichtelijk aantal deelnemers voorgeschoteld kreeg. Met de jaren kregen we er steeds meer deelnemende landen bij, waardoor ze op een gegeven moment zijn begonnen met twee voorrondes. Omdat met het aantreden van die ‘nieuwe’ landen het hele festival transformeerde tot een fout circus van schreeuwers, jongleurs, bakkende baboesjka’s en zingende kalkoenen, vond ik er eigenlijk niet heel veel meer aan en keek ik alleen nog naar de finale. Maar dit jaar heb ik beide voorrondes gezien en vond het, tot mijn grote schrik,  leuk. Waarom eigenlijk?

De presentatie

Kijk, het is in eigen land en een beetje Nederlander vindt dat best wel leuk, maar maakt zich van tevoren ook ernstig zorgen of we ons voor de hele wereld niet voor lul zetten. Ergens staat me bij dat vorig jaar menig mens de gekozen presentatoren maar niks vond. En ik geef toe, ik had ook mijn bedenkingen. Maar man, wat zijn ze goed. Nikkie is de absolute ster, wat een heerlijke vrouw. Edsilia is lekker spontaan en volkomen zichzelf en Chantal is een echte professional. De rust die ze had in de eerste voorronde toen Ierland de boel liep te vertragen omdat er nog een boom gefiguurzaagd moest worden op het podium. (ze hadden zich beter kunnen concentreren op het lied, maar dit geheel terzijde). En Jan? Jan was in de tweede voorronde minder overbodig dan in de eerste voorronde.

Music first

Goed, ik had me dus voorgenomen om, geheel tegen de eigen traditie, de voorrondes te bekijken.  We begonnen op dinsdagavond met Litouwen met een man in een felgeel pak en ik zag de bui al hangen. Maar wat was het een leuk optreden, werd er meteen vrolijk van! Het werden twee avonden van goede nummers, fijne performances , liedjes van dertien in een dozijn en nummers die je meteen moet vergeten. Met ‘Ma Ma Ma Mata Hari’ kan ik bijvoorbeeld helemaal niks. De donderdagavond werd afgesloten met een Deens heerschap dat het roze jasje van Sandra Kim had geleend. (Ze had toch een roze jasje aan? Of was het een roze broek?)

Ik kan na die twee avonden niet zeggen dat ik een absolute favoriet heb. Portugal en Zwitserland hebben mooie liedjes, het nummer van Finland en Malta vind ik lekker, Oekraïne, Rusland en San Marino verrassend en IJsland gewoon fijn. Hooverphonic (België) is te goed voor het Songfestival, maar staat gelukkig wel in de finale. ‘Ons’ lied van Jeangu kende ik tot deze week nog niet, maar vanochtend werd ik wel wakker met  ‘yu no man broko mi’ in mijn hoofd.  Blijft dus lekker hangen, maar zal geen winnaar zijn.

Kleding

Vroeger keek ik altijd naar de mooie jurken, nu kijk ik of zo’n jongedame (of een ander personage) überhaupt wel een jurk of een ander kledingstuk aanheeft. Less is more is niet altijd goed. Ik vraag me altijd af hoe zo’n outfit wordt gekozen. ‘Mag ik naakt optreden?’ ‘Nee, dat is tegen de regels.’ ‘Maar ik heb lang haar.’ Dit jaar is de keuze vaak gevallen op te kort, te zilver en te veel inkijk. Seks verkoopt, maar hoeveel hetero mannen kijken eigenlijk naar het festival?

Nederland promotie

Het enige onderdeel van het hele Songfestival waarover ik mijn twijfels heb, zijn de ‘promotiefilmpjes’ die voor ieder lied worden getoond. Bij andere landen heb ik altijd het idee dat vooral de mooie kanten van een land worden belicht, zodat je meteen naar dat land op vakantie wil. Ik kan me nu niet voorstellen dat de kijkers in andere landen meteen naar Nederland willen afreizen.. Natuurlijk is er aandacht voor gaststad Rotterdam en het altijd aanwezige Amsterdam (Nederland is echt meer dan Amsterdam), maar wat moet je nou met beelden van een zandafgraving bij Heerlen? Mag toch hopen dat Heerlen meer te bieden heeft dan een zandbak. ‘Günther! Dieses Jahr machen wir Ferien in Heerlen, so schön ist es da!’ Nee, hier slaat men de plank toch een beetje mis.