Opruimwoede

Opruimwoede: gelukkig heb ik daar zelden last van. Maar onlangs overviel het me weer, de onbedwingbare behoefte om mijn kledingkast op te ruimen. Mijn kledingkast is een schatkist vol verrassingen, waarin lang verloren gewaande kledingstukken plots tevoorschijn komen. Vol enthousiasme pas ik dan ook alles waarvan ik het bestaan was vergeten. Om vervolgens tot de ontdekking te komen dat er een reden is dat ik het kledingstuk niet meer draag. Te klein, te groot, te wijde pijpen, te kort, te lang, heel erg te lelijk, staat stom en ‘ik zie eruit als een rollade’.
Ik blijk ook te beschikken over een behoorlijke collectie aan maillots en panty’s. In de basiskleur zwart, maar ik kwam ook een groen exemplaar met tattoo-print tegen. Heel leuk ding, past nergens bij. Resultaat na een uurtje passen en opruimen: een volle vuilniszak met kleding voor de kringloop.

Nu ziet mijn kant van de kast er weer keurig uit, dit gaat niet op voor de andere kant van de kast. Man beschikt niet over het opruim-gen en gooit werkelijk niets weg. Hij heeft een ruime selectie aan T-shirts, waarvan een groot deel  alleen nog maar gebruikt kan worden als poetsdoek. Desalniettemin trekt hij met liefde zo’n poetsdoek van formaat ‘naveltruitje’ aan, omdat het zo leuk staat op zijn joggingbroek. Tenminste, ik hoop dat hij zijn naveltruitjes alleen thuis draagt. Ik zie het nog zo maar gebeuren dat hij zo’n oud en ongestreken vod op zijn werk aanheeft. Mijn excuses daarvoor, collega’s van J., maar het is een grote jongen en hij bepaalt zelf wat hij aantrekt.  Vroeger wilde ik nog weleens de opmerking ‘trek je dát aan?’ maken, waarop er altijd een omkleed-actie volgde, maar helaas ben ik tegenwoordig niet meer in de buurt om Man tijdig te corrigeren. Misschien moet ik binnenkort toch maar eens stiekem zijn kast gaan leegruimen.

Openbaar vervoer

Ik maak gemiddeld 5 dagen in de week gebruik van het openbaar vervoer en eerlijk gezegd gaat dat meestal zonder noemenswaardige problemen. Is er een keer vertraging dan word ik daar niet hysterisch van. Alleen, de afgelopen weken is ook mijn geduld danig op de proef gesteld. Het begon allemaal begin maart, Amstelveen krijgt een nieuwe tramlijn en daardoor is de metroverbinding tussen Amsterdam Zuid en Amstelveen Westwijk komen te vervallen. Nu heb ik me altijd afgevraagd wie er in vredesnaam naar Westwijk wil. Westwijk klinkt namelijk als een bijzonder dubieuze wijk, de favela van Amstelveen zogezegd, waar de criminaliteit welig tiert. Nu blijk ik mensen te kennen die daar wonen en die zijn best oké, dus het zal allemaal wel meevallen met die buurt.
Maar ik dwaal af. Door het vervallen van de metro propt iedereen zich nu in ‘mijn’ tram en dat is niet oké, want: overvol in de spits. Gelukkig heb ik bus 55 ontdekt die een heleboel (tram-)haltes gewoon overslaat en wel stopt bij een halte op acceptabele loopafstand van kantoor. Al zijn de Westwijkers niet tevreden met deze buslijn, want er worden wel heel veel haltes overgeslagen waardoor er heel veel gelopen moet worden. Pak de fiets, zou ik zo zeggen. 😉

De eerste reishindernis heb ik dus weten te tackelen. Echter, toen vond men het noodzakelijk om rondom Leiden bezig te gaan met het spoor waardoor er een paar reisverbindingen kwamen te vervallen. Dan denk je dat de NS wel extra of langere treinen inzet op de trajecten die nog wel begaanbaar zijn, maar helaas. Den Haag Centraal is omgetoverd tot Mumbai Central en als je pech hebt, mag je tot je eindbestemming staan in de trein. En als je ergens tussen Den Haag en Amsterdam Zuid in de trein wil stappen, weet je zeker dat je moet staan. Sterker nog, de kans is groot dat je helemaal niet kan instappen. Zo heb ik vorige week op Zuid een trein aan mij voorbij moeten laten gaan. Ik zag een vrouw die, letterlijk vastgeklemd onder de oksel van een man, angstig op het trapje bij de deuren stond. Ik voelde niet de behoefte opkomen om te kijken of er onder de andere oksel nog ruimte was, bovendien konden de deuren al nauwelijks dicht. De volgende trein bood iets meer ruimte, helaas stond ik naast een dame die wilde pogingen ondernam om mij neer te slaan met haar rugzak. Tip: als je moet staan in een volle trein/bus/tram, verwijder dan de rugzak van uw achterkant en klem het ding tussen de eigen benen.

Na 3 weken reizen via diverse routes en met verschillende vormen van vervoer heb ik een voorlopig ideale route gevonden van en naar het werk: heen via Schiphol en terug via Amsterdam Zuid. Volgende week zijn de werkzaamheden rondom Leiden afgerond, maar ongetwijfeld staan er ergens nieuwe werkzaamheden gepland die mijn reisroutes in de war schoppen. Kan niet wachten totdat ik weer eens met de bus naar Kampen Zuid of Hoogeveen mag. Maar niet heus.

Meer lezen over het heerlijke leven en bijbehorend (openbaar) vervoer in Amstelveen? Dan kan ik u de volgende columns van harte aanbevelen:
Escape Room in Amstelveen
Amstelveen Lij(de)n

 

 

Cultureel (on)gemak

De dagen lengen en dan krijg ik de behoefte om vaker de deur uit te gaan. Dat bracht mij deze week in de schouwburg en het museum.

Dinsdagavond, de Koninklijke Schouwburg. Bambi staat op het programma, een anti-sprookje. Dat anti klopt, de ooit eens schattige Bambi is opgegroeid tot een corpulente man in een onderbroek. Echt lekker opgedroogd is ‘ie niet, bovendien is hij een egocentrische en hysterische aansteller geworden. Ik heb me dan ook 2 uur lang afgevraagd waar ik eigenlijk naar zat te kijken. De voorstelling begon veelbelovend maar gaandeweg het verhaal was bij mij de overheersende gedachte om Bambi te deporteren naar de Oostvaardersplassen om hem daar te laten afknallen. Sorry dierenliefhebbers, maar die Bambi is echt een irritant schijtbeest.

Op donderdag speciaal een vrije dag opgenomen om de tentoonstelling van Erwin Olaf in het Gemeentemuseum en Fotomuseum te bekijken. Mijn gedachte was dat het ongetwijfeld ongelooflijk rustig zou zijn op een donderdagochtend in het museum, maar dat bleek niet het geval te zijn. Om kwart over tien parkeerde ik mijn fiets voor het museum en toen stonden er al 8 touringcars voor de deur. Eenmaal binnen werd ik verwelkomd door een ware kakofonie van geluid, veroorzaakt door minstens 3 kleuterklassen. De kleuters kwamen gelukkig niet voor Erwin, maar werden snel richting de kelder afgevoerd. Nooit meer gezien, die kleuters.
Helaas was het ‘bij Erwin’ ook niet rustig. Vriend T. had mij al gewaarschuwd voor de kuddes babyboomers en hij had gelijk, ik struikelde over de ene na de andere bejaarde. Ik kreeg trouwens sterk het idee dat de meeste aanwezigen dachten dat Erwin Olaf alleen brave portretten heeft gemaakt, zoals die van de koninklijke familie. Dan komt een naakt wel hard binnen. Dat bleek vooral in het Fotomuseum, daar was een rondleiding gaande.
‘Hier toont hij zich van zijn kwetsbare kant.’
‘Eh, eh….oh ja’, stamelden wat oude dametjes. Ze stonden ietwat ongemakkelijk naar de piemel van Erwin te staren. Een piemel in opwaartse positie. Je kwetsbaarheid tonen staat blijkbaar gelijk aan je letterlijk blootgeven. De dames schuifelden snel door naar de volgende foto, zo’n piemel is niet voor iedereen weggelegd. Of opgericht, als je het al te letterlijk wenst te nemen.

Conclusie na 2 culturele dagen: Houd je van fotografie en ben je niet bang voor een beetje bloot, ga dan gerust het werk van Erwin Olaf bekijken. Houd je van de Disneyfilm Bambi, sla dan vooral het toneelstuk over. Na het aanschouwen van dit stuk gaat zelfs een overtuigd veganist snakken naar een reebout.

CPC

De afgelopen week viel mijn oog (niet letterlijk) op een affiche met daarop de mysterieuze afkorting CPC. Ik denk dat het in de tram was, want er werd meegedeeld dat er op zondag diverse omleidingen in het openbaar vervoer zijn in verband met CPC. Als ik ergens de pest aan heb, zijn het onverklaarbare afkortingen. Waarschijnlijk weet iedere geboren Hagenees wat CPC is, maar ik ben nieuw in de stad en ik heb geen idee. Wel heb ik voldoende fantasie om zelf te bedenken waar die afkorting voor staat. Bijvoorbeeld voor Chaotische Paarden Concours. Logisch dat je daar het openbaar vervoer praktisch voor platlegt, chaotische paarden zijn volstrekt onbetrouwbaar. Maar CPC kan ook staan voor Communistische Patriotten Congres, Caravan Parkeren Cursus, Clay Pigeon Corso, Chocolade Proeven Clinic of Cocktails & Prunes Club. ‘Even een CPC’tje doen?’ ‘Hé ja, lekker.’

Om meer duidelijkheid te krijgen over de werkelijke betekenis van de afkorting, heb ik een bezoekje gebracht aan de website. Opvallend genoeg word je van die site niet veel wijzer. Behalve dan dat het om hardlopen gaat. Over verschillende routes door de stad. Van een halve marathon tot een parcours voor kleine kinderen. Bij die laatste groep mogen kinderen van 0 (!) tot 10 jaar meedoen. Ik zie nu de hele tijd een 0-jarige voor me, kruipend op de Koningskade, gevaarlijk dicht bij het water, op zoek naar zijn ouders. Kindermishandeling, kan er niets anders van maken.

Maar goed, even terug naar die afkorting. Via andere bronnen is het mij duidelijk geworden dat het om de City Pier City Loop gaat. CPCL dus. De Pier ligt alleen op het parcours van de halve marathon, veel deelnemers zullen niet eens in de buurt van Scheveningen komen.  Oftewel, de meeste deelnemers doen een CC’tje. Verstandig, ik zou de Pier ook gewoon links laten liggen. Ik zou trouwens ook niet gaan hardlopen, gezien de weersverwachting. Nog even afgezien van het feit dat hardlopen een stomme en ongezonde bezigheid is. Niet voor niets luidt het spreekwoord ‘hardlopers zijn doodlopers’.

Hoe dan ook, ik wens iedere deelnemer veel plezier met de CPC. Het enige waar ik mij nu druk over maak, is hoe ik morgen met mijn fiets thuis moet komen. Een onverlaat heeft een deel van het parcours op mijn fietsroute uitgezet. Als jullie morgen iemand zigzaggend door het hardlopers-peloton zien fietsen: grote kans dat ik dat ben.

Onderweg

Je kent ze wel, van die liedjes waarvan je de eerste zin kan meezingen, om vervolgens over te gaan tot gemurmel. Dat heb ik met ‘Onderweg’ van Abel, ik blèr enthousiast ‘Ik doe de deur dicht!!!’ en heb dan geen idee hoe het lied verder gaat. Daarom heb ik gisteren aandachtig naar de tekst geluisterd en ben tot een schokkende ontdekking gekomen. Die Abel* is geen lekkere jongen, zo zal ik hieronder bewijzen.

‘Ik stap de bus in
Mensen lijken te kijken
Maar ik wil ze ontwijken
Voordat ze mij zien’

Abel is een zwartrijder

Langs mij gaan de huizen
Het is stil achter de ruiten
Wie kan mij zien’

Abel is een zwartrijdende inbreker

Je hart is zo dicht bij me
Maar het klopt niet’

Abel is een zwartrijdende inbrekende moordenaar

‘wil je dansen met illusies in gedachten
ben je verder dan het heden
wil je terug naar je verleden
zegt je dat iets’

Abel is de weg kwijt

‘Ik loop de straat in
maar het zal me nooit verwarmen
omdat het mij niet kan omarmen
wie zou mij zien
het liefst zou ik willen schreeuwen
ik zou oneindig willen schreeuwen
maar het gaat niet’

Abel is een beetje heel erg de weg kwijt

Het kan geen toeval zijn dat we van die Abel nooit meer iets hebben gehoord. Hij zit ongetwijfeld in de gevangenis. In een isoleercel, gezien het geraaskal in de laatste alinea’s.

 

*Ja, ik weet dat Abel een band is, maar dat is niet leuk voor het verhaal.

Trainen

Zolang als ik mij kan heugen, heb ik last van mijn rug en spieren. Het afgelopen jaar verergerden de klachten en heb ik uiteindelijk toch maar eens een fysiotherapeut opgezocht. Een hele strenge, die mij 2 keer per week aan een strak trainingsregime heeft onderworpen. Na 6 weken was ik blij dat er een einde aan de kwelling kwam maar omdat mijn klachten chronisch van aard zijn, moet ik vooral blijven sporten. Minimaal 2 keer per week, zo luidde de opdracht van de therapeut. Nu had ik geen zin om weer eens aan dat saaie fitness te beginnen, dus ik moest op zoek naar een leuke sport. Het liefst in teamverband, om toch een beetje een stok achter de deur te hebben. Een vriend opperde dat ik moest gaan squashen. Dat is geen sport die je in je eentje beoefent en omdat ik bang was dat hij zich als trainingspartner zou opwerpen, ben ik maar niet ingegaan op zijn suggestie. Ik zag het namelijk helemaal voor me: hij als een dartelend veulen dat van de ene naar de andere kant van de squashzaal sprint om het terug stuiterende balletje zo hard mogelijk te raken en ik, die stilstaat op één plek en alleen een arm met racket uitsteekt als het balletje toevallig bij mij in de buurt komt. Prima plan om een vriendschap naar de kloten te helpen, dus nee.

Uiteindelijk heb ik in de buurt een studio gevonden waar ze workouts in groepsverband geven. Omdat ik niet meteen aan een abonnement wil vastzitten, heb ik eerst 2 proeflessen gevolgd. Ik vind dit soort dingen altijd spannend, omdat je nooit weet bij wat voor mensen je terechtkomt. In dit geval ben ik in een warm bad van oudere dames gevallen en met ‘oudere’ bedoel ik mensen die al met pensioen zijn. Vrouwen die mijn moeder kunnen zijn. Vrouwen die ook best wel lenig zijn, trouwens. Nu blijkt dat een deel van de dames al een aantal jaren de lessen volgt, maar ik voelde me toch wel wat klunzig. Het is best vervelend als je de enige bent die de armen naar links zwiept, terwijl de rest van de groep netjes de armen naar rechts gooit. Ik moet leren die immense spiegel te negeren en lekker in mijn eigen tempo en ritme de oefeningen uit te voeren. Heupen losgooien op muziek ligt mij prima, zwaaien met armen en gelijktijdig mijn evenwicht bewaren op 1 been wat minder.

Hoe dan ook, ik heb mijn stok achter de deur gevonden. Het is weliswaar maar 1 keer in de week, maar ik vind dat meer dan voldoende voor het trainen van spieren waarvan ik het bestaan nooit hebt vermoed. En wie weet, misschien ga ik ooit nog weleens squashen. Misschien.

Comfortzone

Naast dat het een jeukwoord is, is comfortzone ook een vaag begrip. Want wat betekent het eigenlijk? Het klinkt als een fijne plek, waar je je veilig voelt en op je gemak. Maar het wordt uitgelegd als een saai, leeg en voorspelbaar leven, en dat kan natuurlijk niet. Dus moet je vooral uit je comfortzone stappen. Je moet dingen gaan doen die je anders nooit doet, zo zegt men. ‘Men’ komt dan ook altijd met ideeën die ‘men’ zelf ontzettend leuk vindt. Oftewel, dingen die in de eigen comfortzone van ‘men’ liggen. Waarom ik dan degene moet zijn die moet veranderen, is mij niet helemaal duidelijk. Bovendien, er verandert altijd wel iets in het leven van de mens waardoor die zogenaamde comfortzone ook verandert. Als ik naar de afgelopen 4 jaar kijk, ben ik van baan veranderd, verhuisd naar de andere kant van het land én ben ik een Latrelatie aangegaan met mijn echtgenoot. Ik ga daarom vaker in mijn eentje naar  theater,  museum of bioscoop en ik vind het leuk om nieuwe restaurants en winkels te ontdekken.

Toch bestaan er mensen die vinden dat ik best nog wel andere dingen kan gaan doen. Bijvoorbeeld een teamsport beoefenen, meedoen aan een leesclubje of deelnemen aan iets waarbij je veel nieuwe mensen ontmoet. Laat ik die behoefte nu totaal niet hebben. Naast het feit dat ik grote groepen mensen niet prettig vind, meer dan 4 personen vind ik al te veel, houd ik ook niet van verplichtingen. Ik lees heel graag, maar in zo’n leesclub wordt voorgeschreven wat je moet lezen en wanneer en dan moet je er ook nog over gaan discussiëren. Ik lees wanneer ik wil, wat ik wil en als ik er per se over na wil praten, zoek ik zelf wel een slachtoffer. Dus nee, Marita gaat niet in een clubje.

Kunnen we proberen iedereen in zijn waarde te laten? Leef je leven, doe wat je leuk vindt en accepteer dat ieder mens anders is. Andermans leven kan er saai uitzien, maar als iemand zielstevreden is met zijn bestaan, wie ben jij dan om er iets van te vinden.
En laten we a.u.b. het woord comfortzone niet meer gebruiken, het is geen afgebakend gebied.
(Als je baas trouwens zegt dat je je comfortzone moet verlaten, betekent het dat hij wil dat je zelf op zoek gaat naar een andere baan, zonder dat hij je moet ontslaan.)